—-
–(drup drup druppelende kraan)–
ik ben een ondergelopen gootsteen
en jij
jij bent mijn overloopje
neenee,
dat wil ik niet zijn hoor
ben liever het water dat wegspoelt
weg,
naar de donkere diepte
ohh,
okee
mag ik dan zijn, de zee?
daar kom je uit
nou… vooruit
maar als jij de zee bent
dan ben ik een luchtbel
ik borrel in je op en vlieg dan de lucht in
hou wel van zwemmen, maar nog veel meer van vliegen.
uhh, okee,
je borrelt in me op en vliegt dan naar boven
maar zo hoog in de lucht ben je nog wel
helemaal nat van het zwemmen hoor
weet je,
dat vormt dan een wolkje in de lucht.
dat ben jij nu
je bent een wolk
toch?
ja, klopt, ben een wolk
ja,
ik zie je al,
in mijn spiegel.
…
hey,
ik ga eens boven land kijken
ga mee!
je wilt toch niet verdrinken?
nee, je hebt gelijk
de zee is eigenlijk veel te groot voor mij.
en veels te diep!
weet je wat?
ik ben anders wel de wind
dan kom ik je achterna.
blaas je niet te hard?
ben best gevoelig
ik?
een storm?
nee,
dat zou ik niet willen
heb al genoeg aan mijn hoofd.
zal mijn ingehouden best doen
straks verwaai je nog
dan ben ik je kwijt.
dank je,
dat is lief van je.
…
weetje,
…
het is nu ook geen goed moment
…
om samen te vliegen.
–(zucht)–
soms voel ik verdriet opkomen
..
zomaar
…
weet ook niet waarom
ohh
nou,
dat geeft niet hoor
hey, wees anders de regen
al kan je dan niet meer vliegen en je zeker naar beneden zult vallen,
het lucht soms wel op
ja
snif,
ik val al bijna
…
zal ik anders je opvangen?
…
ik val
..
wees niet bang lief druppeltje.
het is maar goed dat we nu boven land zijn.
als je in de zee was gevallen dan was ik je voorgoed verloren.
..
HELP!
IK VAL!
wees niet bang!
nog even en je bent op de grond
en waar jij valt
daar ben ik
ik ben een regenplas
–(regendruppels vallen in een plas )–
uhhh, we liggen wel in de modder hier
maar ja
dat is beter als niks.
hey,
bedankt!
dat was
echt
net op tijd
was bijna kwijt
…
wat nu?
–
–(stap stap stap…sploetsjsh!)–
–(geluid van een schoen die per ongeluk in een diepe plas stapt)–
–
ha!
wat een geluk!
ben het nat van de schoen
kom mee!
ja! ik ga mee!
we gaan vast naar een huis
opdrogen voor de warme kachel.
ja vast!
—(stap sop stap sop stap)–
…
…
ohhh!
een echte open haard!
vuur!
nee!
denk na!
alstjeblieft!
je wilt vast het vuur zijn.
maar wees het niet.
je vliegt dan keihard uit de schoorsteen
weg van hier
jij vonkje
wil met de rook mee
blijf toch!
het is hier fijn.
ja,
…
je hebt gelijk.
…
hey,
ik heb een idee
die natte schoen gaat straks vast uit
laten we de handen zijn
er zijn er twee
okee
doen we
wie wil je zijn?
links of rechts?
uhmmm…
even denken…
ja!
ik weet het al
heb me weer bedacht
ik wil geen hele hand zijn
zie je die ring?
ja
dat ben ik!
ok,
uhh, mag ik de ringvinger dan zijn?
haha!
ja,
dat mag hoor.
–(stap stap stap)–
..
hey
waar gaan we nou heen?
geen idee
joh, wat ruikt het hier opeens lekker!
ja ruik het ook
weet al wat dat is
—(kraantje aan..zachtjes)–
dat is zeep
de handen gaan wassen
oeeeejoehee,
wat een schuim en geglibber!
…
hey! pas op!
een waterval!
–(sploesjjjstroomspletter!)–
hou me vast!
–(sploesjjjstroomspletter! harder)–
het lukt niet!
–(sploesjjjstroomspletter! nog harder)–
ik val!
hou me vast!
–(sploesjjjstroomspletter! hardst)–
–(ring valt in gootsteen)–
–(en opeens uit)–
….
oe,
sorry hoor
ik kon het niet houden
het was te sterk.
…
…
ben wel blij dat je losliet
lig ik hier tenminste niet alleen
..
ja,
ik ook
…
graag gedaan hoor
vind het wel leuk om ook een ring te zijn een keer
dat ben ik nog nooit geweest
…
…
denk je dat we hier ooit wegkomen?
…
ja
…
denk het wel.
…
zie je dat kleine roostertje daarboven?
…
ja
..
als het hier onderloopt een volgende keer
dan zwemmen we er naartoe
we passen er net doorheen
weet ik zeker!
…
uhh, okee.
…
maar,
…
komen we dan niet weer uit in de zee?
–(drup drup druppels drup)–
—-

je bent een wolk
—-